Je bent succesvol ingelogd op Mijn ANVR
Uitloggen
Powered by 
Intranet

Skip Navigation LinksVoucherkredietfaciliteit voor de reisbranche

Je bent hier:
ANVR  >  ANVR-Nieuws

Nieuws
Voucherkredietfaciliteit voor de reisbranche

Woensdag 9 december 2020
Door de overheid wordt meer in detail in de brief van het kabinet aan de Tweede Kamer ingegaan op de voucherkredietfaciliteit voor de reisbranche (voorheen voucherbank genoemd).

Wij geven hieronder de exacte tekst van de brief over steunmaatregelen t.a.v. de voucherkredietfaciliteit ( te vinden op pag. 17):

"In de brief over het steun- en herstelpakket van 28 augustus  is aangegeven dat het kabinet met de reisbranche de haalbaarheid en wenselijkheid van een kredietfaciliteit gekoppeld aan bestaande vouchers voor pakketreizen onderzoekt. De motie Aartsen c.s.  verzoekt om voor 1 december 2020 samen met de reisbranche te komen tot een voorstel voor een kredietfaciliteit gekoppeld aan de bestaande vouchers.

De contouren van de voucherkredietfaciliteit zijn inmiddels door het ministerie van Economische Zaken en Klimaat en de, brancheorganisatie ANVR en garantiefonds SGR (die 90% van de markt vertegenwoordigen) verder uitgewerkt en is nog onderhevig aan nadere invulling en definitieve instemming van de genoemde organisaties en de beoordeling door de Europese Commissie van deze steunmaatregel, nadat deze in concept is voorgelegd. De gesprekken zijn dusdanig constructief om hier al in te kunnen gaan op de contouren van de mogelijke voucherkredietfaciliteit. Het ministerie van EZK is ook in gesprek met de kleinere reisondernemers en garantiefondsen (VVKR, GGTO, VZR Garant, SGWZ) om te bezien in hoeverre een voucherkredietfaciliteit ook voor hen een oplossing zou bieden. Via de voucherkredietfaciliteit kunnen reisgarantiefondsen een aanvullende lening van de overheid krijgen waarmee ze vervolgens een liquiditeitslening kunnen verstrekken aan de reisorganisatie die onverhoopt en tijdelijk onvoldoende middelen hebben om vouchers terug te betalen aan consumenten. Voorwaarde is dat de reisorganisaties deze middelen alleen kunnen inzetten voor het uitbetalen van verstrekte vouchers. Het betreft vouchers die zijn afgegeven van 12 maart t/m 31 december 2020. Het maximaal te financieren bedrag per onderneming is 80% van de waarde van de aan de consument terug te betalen vouchers. Het krediet dat een reisonderneming kan aangaan is bovendien gemaximeerd op € 50 miljoen. Op deze manier is een prikkel ingebouwd die het aanpassingsvermogen en de eigen verantwoordelijkheid van de ondernemer voor het vinden van passende oplossingen stimuleert. Ook omdat niet alle reisorganisaties gebruik zullen maken van de voucherbank. Een onderneming aan wie een lening wordt verstrekt diende voorafgaand aan de uitbraak van het coronavirus in de kern gezond te zijn. De leningen worden in zes jaar afgelost tegen een nog nader te bepalen rentevergoeding en voorwaarden. Daarnaast wordt gedacht aan aanvullende eisen zoals het verbod op het uitkeren van dividenden of bonussen gedurende de periode van steun.

De garantiefondsen zijn verantwoordelijk voor de uitvoering van de voucherkredietfaciliteit, het innen van de uitgeleende middelen en voor de terugbetaling aan de staat. Voor fondsversterking van SGR en voor eventuele tekorten door wanbetaling of faillissementen kan het garantiefonds compenseren uit een toekomstige hogere (consumenten)bijdrage bij reisboekingen. Voor het voucherkrediet is naar verwachting ca. € 400 miljoen nodig ten behoeve van een lening aan SGR en aanvullend € 40 miljoen voor leningen aan de kleinere fondsen. Dit is afhankelijk van de definitieve uitwerking en besluitvorming. Het voucherkrediet komt voorlopig naast de al eerder toegezegde leningen aan de SGR en de kleinere garantiefondsen  beschikbaar. Door de voucherkredietfaciliteit is de verwachting dat deze eerdere leningen grotendeels niet meer noodzakelijk zijn en de gereserveerde middelen terugvloeien voor zover deze niet reeds zijn ingezet. De voorgestelde en verdere uit te werken faciliteit is een vorm van staatssteun aan de reisbranche en zal derhalve in januari aan de Europese Commissie ter goedkeuring worden voorgelegd. De staatsecretaris van EZK zal in de beantwoording van de schriftelijke vragen van uw Kamer van 13 november jl. nader ingaan op een groot aantal vragen van uw Kamer over onder andere de financiële positie van de reissector en -garantiefondsen, de uitgifte van nieuwe vouchers in de toekomst en de waarborgen die de consument heeft. De Kamer wordt nader geïnformeerd over de uitwerking, de voorwaarden en het toetsingskader van de voucherkredietfaciliteit. "